Op 1 juni 2026 spande de staat Florida een civiele rechtszaak aan tegen OpenAI en CEO Sam Altman, met als kernvraag: is ChatGPT een gevaarlijk product? Inmiddels is daar een dossier van bijna twintig zaken uit gegroeid. Opvallend is dat niet Washington hier het voortouw neemt, het is de staat Florida die de aanbieder zelf voor de rechter sleept met een vordering die volgens Attorney General Uthmeier kan oplopen tot miljarden dollars. Hoewel de zaak is overgeheveld naar de federale rechter, een die meer op de lijn zit van de federale overheid die AI-regulering eerder afremt of in ieder geval de ontwikkeling van AI wil controleren. Het is dus niet alleen de vraag die we in Europa vaak stellen wat Amerika doet, maar ook wat een deelstaat doet die daar zelf toe besluit. En wat er zou gebeuren als iemand iets dergelijks in Nederland probeerde?
Ik ben raak steeds meer gefascineerd door de verschillen tussen de staten en de federale overheid in de VS. De behoefte aan mitigerende regels rondom AI, privacy en security is in sommige staten enorm. Neem Utah met de SEDI wetgeving. Begin juni merkte ik deze zaak in Florida op. Sindsdien wil ik weten hoe de juridische effecten van één wereldwijd functionerend systeem, van één GenAI model, op verschillende continenten onder verschillende rechtssystemen uitpakken. Kun je het vergelijken met een type auto onder verschillende verkeerswetgevingen?
De uitwerking die ik in gedachten heb is te lang voor één artikel en daarom heb ik het in drieën gedeeld; een complete uitwerking zou een dissertatie worden, misschien iets voor later. In deze reeks gaat Deel 1 over de vraag of ChatGPT juridisch geldt als product of als beschermde uiting, en wat betekent dat voor Europa, waar diezelfde kwestie al bij wet is geregeld? Deel 2 wordt momenteel geredigeerd en duikt in strafrechtelijke gevolgen, wat in de Verenigde Staten een vaag, apart onderzoek naast de civiele zaak inhoudt, maar in Nederland op papier mogelijk veel scherper is uitgewerkt. Deel 3 kijkt naar wat er in Nederland en Europa concreet gebeurt, niet alleen wat er zou kunnen (via een huisartsenpraktijk die patiëntgegevens lekte via ChatGPT, een gemeente die duizenden dossiers invoerde in een publieke chatbot, een zaak die Meta verloor bij de Nederlandse rechter, et cetera).
Gerelateerde vraagstukken blijven voor nu dus bewust liggen, omdat ze bijvoorbeeld op een andere groep benadeelden zien dan de gebruiker of derde die hier centraal staat. OpenAI traint op auteursrechtelijk beschermd materiaal zonder toestemming, met de rechthebbende als benadeelde. De arbeidsomstandigheden van de mensen die trainingsdata beoordelen, raken eerder aan arbeidsrecht dan aan productveiligheid. De marktmacht van een bedrijf met een waardering van boven de achthonderd miljard raakt aan mededingingsrecht. Discriminerende algoritmische uitkomsten raken aan gelijkebehandelingswetgeving. Het energie- en watergebruik van de datacenters erachter wordt langzaam een eigen milieurechtelijk dossier. Dit zijn stuk voor stuk afzonderlijke onderzoeken.